Sauvignon blanc: drinken, niet bewaren
September 30 2009 Categorized Under: proefnotities No Commented
Soms kom je ineens een oude fles tegen. Eentje die je ooit hebt weggelegd en waar je steeds overheen keek. Niet uit onwil, niet uit twijfel, maar gewoon omdat je op dat moment iets anders zocht. Vandaag ontdekte ik twee oude sauvignon blancs. Meestal is dat geen goed teken.
Oude Nautilus. Deze wijn uit Nieuw-Zeeland hoort eigenlijk zo jong mogelijk gedronken te worden. Sauvignon blanc. Geen houtrijping. Kraakhelder en knispervers. Geuren van groene appel en buxus ondersteunen de frisheid van smaak. Maar deze bewuste fles heeft op een of andere manier vier verhuizingen overleefd, als we de verplaatsing van het zuidelijk halfrond naar Nederland niet meerekenen. Nieuw-Zeeland. Sauvignon blanc, 2005. Ik vind een sauvignon blanc uit 2005 oud. En bovendien mag je er voor een wijn uit Nieuw-Zeeland nog een half jaar bij optellen, omdat de oogst daar in de eerste helft van het jaar plaatsvindt.
En dan, nog iets verder weggestopt, kom ik een Chateau de Fieuzal blanc uit 1998 tegen, een grote wijn uit Pessac-Leognan. Deze wijn is geen varietal, zoals de Nautilus. Sauvignon blanc bepaalt hier voor zestig procent de blend met sémillon. Volgens de Guide Hachette des Vins is dit een topwijn, die ook nu nog zeer goed op dronk is. Op verschillende sites wordt de wijn voor een prijs van twintig tot dertig euro per fles aangeboden. Deze wijn heeft wél houtrijping gehad en heeft ook de potentie om lang bewaard te worden. Maar goed, elf jaar oud en minimaal zeven verhuizingen verder geeft voldoende vraagtekens.
Nautilus Estate sauvignon blanc 2005
De kleur is eigenlijk niet eens echt geel, eerder bleek. Wel is de spanning, de diepte uit de kleur, de wijn is wat mat. In de neus duidelijke rijpheid. Een bijna zware tropische fruitlucht, vermengd met de neus die een cider of een frisse calvados kan hebben. Voor de smaak geldt eigenlijk hetzelfde. De frisheid wordt naar de achtergrond verdreven door de rijpheid. Alsof de zuren wat afgeroomd zijn. En daardoor lijkt ook het alcoholpercentage van de wijn (13,5%) wat prominenter. In de afdronk komt de smaak van appelstroop bovendrijven. Het lijkt allemaal niet zo positief, maar eigenlijk vind ik deze Nautilus nog goed te drinken. Beter dan verwacht. Maar een extra jaar of nog een verhuizing had de inmiddels stevige tonen in deze wijn allemaal maar geaccentueerd. Over de top absoluut, maar nog goed drinkbaar.
Chateau de Fieuzal blanc 1998
Deze wijn heeft een intense kleur. Diep goudgeel. De neus is verre van expressief en de wijn heeft tijd nodig om zich te ontwikkelen in het glas. Aanvankelijk, na walsen, toont de wijn een rijk bouquet. Een notenkraam op een markt. Rijp, vol. En iets later komt er ook nog iets van fruit bovendrijven, geen totale frisheid meer, maar fruit vermengd met vanille en honing. Op de tong brengt de Fieuzal een zelfde sensatie teweeg. Oud, overduidelijk, maar niet verkeerd. Gek genoeg komt nu de houtrijping (vanille) echt duidelijk naar voren. Stevige zuren, droog van textuur. In de afdronk dringt de geur en de smaak van de herfst zich op. Een wandeling in een bos, paddestoelen. Misschien laat ik me te veel door de laatste smaken leiden, maar daardoor ben ik niet enthousiast. Deze wijn is duidelijk over zijn top, al biedt hij nog steeds veel smaakrijkdom.
Interessant. Oude sauvignon blanc. Altijd na een schitterende jeugd. Bij zeer hoge uitzondering om lang te bewaren. Geen parels voor de kelder of de klimaatkast. Maar leuk om te proeven. De ontwikkeling, de neergang eigenlijk. De herfst is gekomen.














